29 juni 2026
De vlag uit in Enkhuizen voor Ketikoti?

Net voor aanvang van de Enkhuizer raadsvergadering op 23 juni kwam de SP-fractie (met PRO Enkhuizen als mede-indiener) met de aankondiging van een motie i.v.m. Ketikoti. Dit is een van oorsprong Surinaamse feestdag, jaarlijks op 1 juli, ter viering van de afschaffing van de slavernij. De motie had als doel om te regelen dat op 1 juli de Nederlandse vlag wordt gehesen bij het stadhuis ter herdenking en viering van Ketikoti.
De SGP-fractie heeft in de vergadering uiteengezet waarom het hijsen van de vlag niet het juiste middel is voor het doel (aandacht besteden aan Ketikoti).
In veel gevallen volgen gemeenten de vlaginstructies zoals die gelden voor de Rijksoverheid. Daarvan afwijken kan en mag, maar dan hanteer je als gemeente wel een uitzondering. En dan komt al snel de vraag om de hoek kijken: wanneer maak je wel een uitzondering en wanneer niet? Voordat je het weet kom je dan in de positie dat je als gemeente de Nederlandse vlag gaat gebruiken voor politieke en/of ideologische boodschappen. Onze vlag zou niet moeten worden gebruikt voor politieke doeleinden, zo betoogde SGP-raadslid Jan-Herber Hogendoorn.
In de motie omschreef de SP wat mede de aanleiding was voor dit raadsinstrument: een discussie in de Tweede Kamer. Laten we in Enkhuizen vooral bezig zijn met wat er nodig is in Enkhuizen, en ons niet mengen in landelijke discussies; die horen thuis in de Tweede Kamer.
Een volgend argument betrof het effect: draagt het hijsen van de vlag op het stadhuis daadwerkelijk bij aan het onderwijs en kennis over het Nederlandse slavernijverleden? Dat effect kan daarvan niet worden verwacht, dus dan is het een vorm van symboolpolitiek. De overheid moet zich bezighouden met het uitvoeren van (kern)taken, niet met symboolpolitiek.
Ook vanuit de nazaten wordt er soms aangegeven dat de Nederlandse vlag te veel de nadruk op Nederland legt, terwijl het juist gaat om de voormalige koloniën. Daarnaast zijn heel wat gebeurtenissen in het (verre) verleden waarvoor het pleidooi gehouden kan worden om dat met vlagvertoon te herdenken/vieren. Juist door vast te houden aan de algemene vlaginstructies voorkom je dat er bij herhaling discussie ontstaat om wel of niet een uitzondering te maken.
Het laatste argument dat de SGP inbracht betrof de situatie van vandaag de dag: er leven nu nog vele miljoenen mensen in slavernij: deze vormen van (moderne) slavernij betreffen bijvoorbeeld mensenhandel, gedwongen arbeid, schuldslavernij, seksuele uitbuiting en dwangarbeid in bepaalde productieketens. Het slavernijverleden van honderden jaren geleden is niet onbelangrijk, maar staat het in verhouding tot de aandacht die er zou moeten zijn voor de slavernij van nu?
De burgemeester gaf als portefeuillehouder aan dat er ook in het college is stilgestaan bij de vraag of het middel (vlag hijsen) past bij wat het achterliggende doel van de motie is en gaf aan zich te herkennen in de logica van de argumentatie van de SGP-fractie. Ook gaf de burgemeester aan dat er nog nooit een inwoner zich gemeld heeft bij de gemeente met het verzoek dat de gemeente iets moet doen aan Ketikoti. Samenvattend gaf de burgemeester aan het initiatief niet te willen miskennen, maar 'wil je er inhoud en waarde aan geven, dan is het iets meer dan alleen een vlag ophangen'. Het college liet het echter aan de raad om hier een keuze in te maken.
Bij de stemverklaringen, gevolgd door de stemming zelf, bleek dat naast de SGP ook de fracties van VVD en HEA tegen de motie stemden, in totaal 5 zetels. De andere fracties (in totaal 12 zetels) stemden voor, waarmee de motie aangenomen werd.